Neptunus

Na de oorlog maakt het al maar stijgende elektriciteitsverbruik uitbreiding noodzakelijk. De bouw van de Centrale Gelderland II in Nijmegen wordt een feit. De centrale ligt aan de rivier de Waal, die erom bekend staat zeer wisselende waterstanden te hebben. Om er toch voor te zorgen dat er ten alle tijden een werkende koelwatervoorziening is, wordt de pompinstallatie ‘Neptunus’ gebouwd. Deze drijvende installatie bestaat uit vier dieselmotoren met elk een vermogen van 150 pk.

Tijdens de watersnoodramp van 1953 kan Neptunus direct haar krachten tonen en wordt in bruikleen aangeboden aan de Rijkswaterstaat. Al snel blijkt dat de Provinciale Waterstaat in Zuid-Holland en later in Zeeland, graag gebruikmaken van het aanbod. Zo heeft Neptunus een belangrijk aandeel bij het droogmaken van de Hoekse Waard, het gebied ten oosten van het kanaal door Voorne en Putten en de polder van Schouwen in Zeeland. Grote voldoening wordt uitgesproken over de pomp die reeds 900 uren onafgebroken heeft gewerkt. Hoewel de Neptunus zijn nut overtuigend bewezen heeft, hoopt men wel dat de installatie voor dit doel nimmer meer gebruikt hoeft te worden.

Bron: Geschiedenis van de Provinciale Geldersche Electriciteitsmaatschappij 1940 – 1955 – via Leo Stens